Ik weet het allemaal en toch denk ik maar aan één ding als ik lees over het belagen van de herrezen Dolle Mina’s tijdens hun demonstraties: Ik wil de mannen die dat deden helemaal in elkaar beuken. Volgens krantenberichten werden in tenminste elf gemeenten door het hele land (tot zover de hoop van een los incident) vrouwen uitgescholden voor ‘hoer’, ‘slet’, werden er vrouwen op hun billen geslagen, werden ze bekogeld met blikjes en op allerlei andere manieren (seksueel) geïntimideerd.
Dat mensen die tegen onveiligheid en seksueel geweld demonstreren precies dát oplopen waartegen ze strijden, is totaal ironisch en tekenend voor het verval van deze tijd. Er zijn legio ernstige problemen terug van weggeweest, zoals fascisme, oorlogsgeweld en een opleving van seksuele onderdrukking en vrouwenhaat. Bevochten vrijheden smelten als ijskappen; sneller dan je denkt. Gelijke rechten, gelijke betaling, recht op zelfbeschikking en abortus, geboortebeperking- alles wordt met het smeltwater weggegooid. Het femicidecijfer rijst in Nederland de pan uit. LHBTIQ+-ers worden met regelmaat uitgescholden en in elkaar geslagen, terwijl hedonistische hetero’s hun niet-bestaande emancipatie vieren met bier en een regenboog van drugs- zónder te weten wat ze eigenlijk op die boten doen, behalve het zoveelste festivalletje consumeren.
‘Feestje van het jaar’, hoorde ik een jonge man die werkt op de Zuidas zeggen. Fuck you, dacht ik, eloquent als altijd. Misschien deed jij in het corps aan bangalijstjes en had jij seks met allerlei vrouwen waar niemand iets van zei, terwijl die vrouwen voor de rest van hun studententijd een hoer genoemd werden. Mijn vermoeden was niet ongegrond, want ik hoorde hem dingen zeggen die eng dicht bij die werkelijkheid staan. Zonder enige schaamte, schijnbaar zonder enig benul. Een man met zoveel privileges dat hij niet beter weet dan onaantastbaar te zijn voor sociale correcties en de wet.
Het maakt ze niets uit. Dat maakt me zó razend dat ik ze de oren zou willen wassen, hun mond spoelen met heel veel zeep en hun onrijpe geesten afranselen. Ze laten voelen wat ze anderen aandoen, hoe het is om bang te zijn en je beschaamd te voelen. Ik wil ze, geloof ik, hun eigen agressie en gebrek aan enig respect tot op het bot laten voelen.
Ik, die geen vlieg doodslaat. Die eens na heel veel gedoe een slak redde in de nacht om vervolgens opgetogen door te lopen en, tot mijn ontsteltenis, gekraak hoorde onder mijn zool van de volgende slak. Die bang is voor agressieve mannen, laat staan groepen ervan. Op straat, bijvoorbeeld toen ik als studente naar huis rende na het uitgaan. In het OV met zijn rukkende mannen, opmerkingen, manspreading en frotteren. Tijdens een date, als het steeds verder uit de hand loopt en dat je die vrouw wordt die je niet wilt zijn: Stil, pleasend, zichzelf beschermend door geen ophef te maken. Omdat je niet weet wat hij gaat doen als je boos wordt, of omdat je je om andere redenen niet kunt verweren. Overal waar het kan en waar het, dus, gebeurt. Zoals ook bij mij, metoo en wieniettoo, de aanranding in het park, of die toen ik zeventien was door een volwassen man met wie ik in een professionele machtsrelatie zat.
De man in de bosjes bestaat ook en die angst is geactiveerd door de ziekmakende, afschuwelijke moord op Lisa. Dergelijke zaken zijn zeldzaam en betreffen meestal een andere categorie mannen dan die van het intimiderende en misogyne soort, wat overigens ook niet wil zeggen dat het één helemaal losstaat van het ander. Door de moord op Lisa lijkt vooral de onveiligheid getriggerd die alle vrouwen kennen: Intimidatie waarvan je nooit weet waar het ophoudt. Meisjes en vrouwen kennen dat gevoel op de fiets, of lopend op straat of in een tunnel; dat je nooit kunt inschatten wat er gaat gebeuren en dat je hartkloppingen hebt die horen bij doodsangst.
Activisme is niet voor bange mensen. Zonder activisme verandert er niets. Het kan niet normaal kan blijven worden gevonden dat meisjes en vrouwen (en LHBTIQ+-ers) zoveel gevaar lopen. Punt. Vrijheid, gelijkheid en veiligheid moeten actief worden bevochten en woede die steunt op rechtvaardigheid is constructief van aard. Dus loop ik tijdens de volgende tochten mee en zal ik mijn razernij keurig kanaliseren. Ik zal luisteren naar Anja Meulenbelt, wier definitie van feminisme is: ‘Eerlijk delen en niet slaan.
Dan terug naar de slagkracht van het woord. Er is een nieuwe taal nodig, een nieuwe manier van denken en normeren, van omgang. Concreet kan daar van alles aan worden gedaan en dat is hoog tijd. Er zou voor geen enkele persoon iets onaanvaardbaars moeten zitten in de woorden ‘wij eisen de nacht op.’ Natuurlijk, zou iedere weldenkende man moeten zeggen, natuurlijk doen jullie dat. Wij doen er alles aan om dat te bevorderen.
In de media moet helder worden geschetst in welke context geweld tegen vrouwen plaatsvindt en dat individuele gevallen niet op zichzelf staan. Er is een nationaal, geëscaleerd probleem. Beïnvloeding van jongeren in sociale media en in de manosphere kan worden tegengegaan. Ouders kunnen zowel hun zoons als dochters helpen door met ze te praten over deze thema’s. Het helpt niet als er op televisie ouderwets gezellig wordt gelachen als men seksistische opmerkingen maakt of opschept over geweld tegen vrouwen. Ontsla die mensen nou eens, sponsor dat soort drek niet en presenteer het als vrouw niet als je geen onderdeel van het probleem wilt zijn. Kijk er niet naar. Lach zeker niet mee. Zeg er iets van.
Vrouwen mogen vrouwen zijn zoals zij willen, LHBTIQ+-ers eveneens en mannen ook. De grap is dat niemand iets hoeft te verliezen. Misschien alleen de onaantastbaren, die zich op dezelfde lijn zullen moeten stellen als hun medemensen. Delen is even wennen.