Juice

  • [Noot bij dit artikel: Ik zond onderstaand opinie-artikel, in reactie op het profiel over de VPRO in NRC d.d. 19-02-2025, dit weekend naar NRC. Het is met belangstelling gelezen, maar de redactie koos voor een ander onderwerp, luidde de reactie vandaag.]

Eén van de leukste afweermechanismen waarvan mensen zich bedienen is de ‘spontane ontkenning’. Zo proberen ze een veronderstelde toekomstige verdenking onklaar te maken. ‘Je moet niet denken dat ik van porno hou, ik heb niet eens een laptop!’

Als lezer ben ik altijd op mijn hoede als een artikel wordt opgezet met het vermelden van een grote hoeveelheid bronnen en tijdsinspanning, gevolgd door een zin met een suggestieve conclusie, die daardoor feitelijk onderbouwd lijkt. Met een dergelijke spontane ontkenning (‘nee hoor, deze conclusie hebben wij heus niet zelf bedacht’), leiden Logtenberg en Rosenberg hun profielschets over de VPRO in. Aan dit stuk hebben ze enkele maanden gewerkt.

NRC lijkt een patent te willen hebben op het aan de kaak stellen van diverse misstanden en op onderzoeksjournalistiek zoals je die tegenwoordig minder vaak in kranten aantreft. Dat pleit zeer voor ze en het drukt de passie voor het vak uit op een moment dat de journalistiek onder druk staat. Laten ze daarin nu van alles gemeen hebben met de omroepmedewerkers waarover ze schrijven. Het probleem met elk soort onderzoek waarvoor geld en verwachtingen worden vrijgemaakt, is dat het wel iets moet opleveren. Bij een krant krijgt dat vaak de vorm van clickbait, nu abonnees grotendeels plaats hebben gemaakt voor clicks.  

Uit experimenteel wetenschappelijk onderzoek komt vaak helemaal niets naar voren en omdat dit lastig financieel te verdedigen valt, raken wetenschappers soms in de verleiding om hun resultaten om te buigen. Maar ook niets vinden is wetenschap en leidt tot meer kennis. In dit geval mag er van deze journalisten worden verwacht dat zij de ingewonnen informatie wegen en dat zij iets ontwaren van het grotere systeem en het tijdsgewricht waarin deze publieke omroep zich bevindt. Dat zij uitzoomen uit de deining van een paar golven en de hele kustlijn tijdens een stormvloed overzien.

Lekkerder bekt de, dan ook tweemaal gebruikte, zin: “In een tijd dat omroepen zich opmaken voor de grootste bezuinigingen ooit, is de VPRO vooral met zichzelf bezig.” Alsof andere publieke omroepen behendig voortkabbelen en men er bij de VPRO toch maar een navelstaarderig zootje van maakt. 

Dat geeft te denken. Er mag kritiek zijn op de VPRO. Dat vonden ze bij die omroep kennelijk zelf ook, want ze hebben de journalisten uitgebreid gesproken en door talloze mensen uit alle gelederen laten informeren. Het is duidelijk dat er fouten zijn gemaakt, dat men zoekende is, ook na het verlies van twee iconische pilaren in het bestuur én dat de VPRO in een faseverandering is geraakt, maar om ze de crisis in de publieke omroep en de politiek te verwijten, gaat wel heel ver.

Denken ze bij NRC dat er geen sprake van een crisis is bij KRO-NCRV of bij BNN-VARA, alleen omdat die meer leden hebben, of omdat ze die niet hebben gesproken? Leg de oorzaak waar deze hoort, namelijk bij de NPO en zijn inhoudelijke machtsmisbruik. En nog meer uitgezoomd bij het politieke getij dat alles wat riekt naar kunst, cultuur of zogenaamd links probeert te kraken.

Dit stuk kan zijn sympathie voor de kleine, kwalitatief hoogwaardige en tegendraadse omroep niet onderdrukken. In die erkenning schuilt wellicht de sleutel: Misschien ligt het niet aan de inzet van het bestuur, de medewerkers en de programma’s die zij maken voor radio, televisie en online en is het daarom extra belangrijk om genuanceerd te zijn met conclusies, nu dit soort omroepen worden bedreigd met de ondergang, eufemistisch bekend als ‘sanering’.

Het is zinnig ervanuit te gaan dat niemand van de hoofdredactie een uniek programma als Tegenlicht ter ziele wil laten gaan en het is ook begrijpelijk dat dit grote woede wekt van de makers die hun hoofdredacteur als boodschapper aanvallen.

Na publicatie in de krant op 19 februari 2025 wordt het artikel op Instagram geplaatst met vier teasende zinnen: “Janine Abbring werd ‘gedumpt’ “, “Arjen Lubach vertrok”, “Medewerkers wantrouwen de hoofdredactie” en vetgedrukt: “De VPRO verkeert in een crisis.” Alsof je de Story openslaat bij de kapper. Beschadigend, op basis van wat precies en vooral; waarom?

Ooit wandelde ik in een bos naast een kasteel, waar een man in een snackkar me een dampende kop koffie verkocht. Op de achtergrond luisterde hij het VPRO-radioprogramma OVT, zo’n typische parel voor de publieke radio, over de geschiedenis en hoe je die terugvindt in het nu. Hij wachtte even met afrekenen, want hij wilde eerst horen hoe de spreker zijn zin afmaakte. Luisteraars van dit soort programma’s luisteren écht, misschien zou dat dubbel moeten tellen in aantal en waardering.

Kritische, onderscheidende programma’s maken kost geld. Ze oogsten vast een lager aantal kijkers dan BN’ers die in doldwaze fantasiepakken optreden om te worden ontmaskerd tot gegil van steeds dezelfde commerciële presentatoren (gemiddeld gesproken lacht Gerard Joling heel hard om Gerard Joling.) Dat zou er echter niet toe moeten doen bij de publieke omroep. Zomergasten mag deze zomer slechter bekeken zijn, maar dat kwam ook doordat Adriaan van Dis onverhoopt uitviel. Bovendien zou je, juist bij de publieke omroep, kunnen en zelfs moeten betogen dat dit soort programma’s waarin urenlang de tijd wordt genomen voor verdieping en beschouwing, moeten blijven bestaan. Daar is in Nederland in tegenstelling tot in andere Europese landen al een groot gebrek aan.

Wie overigens denkt dat geld verkwist wordt bij publieke omroepen of bij de VPRO, doet er goed aan erbij stil te staan dat medewerkers zeker niet goed betaald worden en al helemaal niet voor het grote aantal uren dat zij werken. Ze doen het uit liefde voor het vak en de inhoud.

Democratie is niet: De meerderheid bepaalt. Democratie is ook de minderheid vertegenwoordigen en een stem geven. Dat is als nooit tevoren aan de orde, nu kranten en omroepen moeten bepalen waar ze voor staan en de ruimte moeten krijgen om dit te brengen. Onafhankelijkheid moet worden gewaarborgd en beschermd, desnoods in de vorm van verzet. Wie te gemakkelijk meegaat in het afgeven op een publieke omroep gedraagt zich als slaaf van het populisme. Dat is een krant als NRC onwaardig. Ik vertrouw er dan ook op dat men wil overwegen dit stuk te plaatsen omdat kritiek een hoog goed is; de slijpsteen voor de geest. En dat ik er om het geplaatst te krijgen geen juicy titel aan hoef te geven, omdat lezers deze krant net zo inhoudelijk lezen als de man van de snackkar luistert naar de radio.

4 gedachten over “Juice

Geef een reactie op Rob Alberts Reactie annuleren